Schriftelijke vragen
Schriftelijke vragen SGP Flevoland 17 december 2011
Onderwerp “Treasury kredietrisicobeheer”
Inleiding: Het Treasurystatuut van de provincie Flevoland is in 2009 voor het laatst gewijzigd, mede als gevolg van de wijzigingen in de Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden (RUDDO). Deze wijziging is echter niet doorgevoerd op wetten.overheid.nl alsmede niet doorgevoerd in de Regelingenbank van de provincie Flevoland (flevoland.regelingenbank.eu).
Dit leidt tot de volgende vragen:
1. Wat is de reden dat in voornoemde databanken het Treasurystatuut 2006 te vinden is?
2. Is het Treasurystatuut 2009 gepubliceerd in een Provinciaal blad?
3. Is voldaan aan de juridische publicatieplicht om er van te kunnen spreken dat het Treasurystatuut 2009 daadwerkelijk in werking is getreden (zie art. 136 Provinciewet)?
Inleiding: We leven in financieel zeer onzekere tijd, onder andere ten aanzien van het vertrouwen en de financiële stabiliteit van banken en landen. Ratingbureau Standard & Poor’s heeft Nederland, tot op heden een triple A-rating, op ‘negative watch’ gezet, wat betekent dat er een wiskundige kans is van zeker 50% op een afwaardering binnen 90 dagen. In de Programmabegroting 2012 en in het Treasurystatuut artikel 6 worden aangegeven dat alleen gelden worden uitgezet bij banken in AAA-landen, een rating die Nederland in de (nabije) toekomst mogelijk niet meer heeft. Om het belang aan te geven, wat betreft de banken is de zelfs de als betrouwbaar bekend staande Rabobank afgewaardeerd naar een lagere rating (van AAA- naar AA-rating. ).
Dit leidt tot de volgende vragen:
4. Anticipeert het college van GS op het feit dat veel ratings mogelijk zullen worden aangepast?
5. Zo ja, hoe anticipeert GS op een mogelijke aanpassing van ratings van EMU-landen, waaronder een mogelijke afwaardering van de rating van Nederland?
6. Hoe anticipeert GS op een mogelijke aanpassing van ratings van banken waar provincie Flevoland vaak zaken mee doet?
Inleiding: De minister van Financiën en de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties hebben in antwoord op kamervragen opgeroepen tot schatkistbankieren om de kredietrisico’s van decentrale overheden te reduceren. In april 2010 is een rapport verschenen van de Rebel Groep inzake schatkistbankieren door decentrale overheden. De conclusie van het rapport is dat integraal schatkistbankieren de risico’s voor decentrale overheden vermindert en voor de collectieve sector als geheel financieel voordelig kan zijn. Andere decentrale overheden zijn reeds overgegaan op integraal of partieel bankieren bij de Staat. Een tweetal voorbeelden hiervan zijn: 1 de Provinciale Staten van de provincie Noord Holland hebben op 26 oktober 2009 besloten tot volledig schatkistbankieren, waarna hiertoe een overeenkomst is gesloten met het Ministerie van Financiën ; 2 de provincie Groningen is overgegaan naar partieel schatkistbankieren .
Dit leidt tot de volgende vragen:
7. Hoe beoordeelt GS de oproep van de minister van Financiën en de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties aan decentrale overheden om schatkistbankieren in te voeren?
8. Wat zijn de voor- en nadelen van integraal of partieel schatkistbankieren voor Flevoland?
9. Is het college van GS bereid om voor beantwoording van vraag 8 informatieve gesprekken te voeren met het Ministerie van Financiën om een afgewogen oordeel te kunnen geven?
10. Overweegt GS om aan deze oproep tot schatkistbankieren gehoor te geven?
11. Zo nee, waarom bent u hiertoe niet bereid?
Schriftelijke vragen

