Haïti
Voor ons ligt een motie om mens en dier te helpen in Haiti. Een motie die (mogen we veronderstellen) het gevaar loopt direct te worden aangenomen. Want wie zou durven tegenstemmen, bij zoveel leed, zorg, moeite en verdriet. Onbeschrijflijk. Bijna niet te dragen. Wat daar gebeurd is.
Vandaar dat we dit leed ons aantrekken. Ruimhartig. De Bijbel leert ons om onze giften en gaven vrijwillig en blijmoedig te geven. Er wordt meermalen in de Bijbel gesproken over tienden, met andere woorden 10 procent van onze inkomsten. In die zin worden giften of gaven ook daadwerkelijk offers.
Wanneer nu de vraag van de Partij voor de Dieren ter beoordeling voorligt, moeten we een standpunt innemen. Vooraf stellen wij ons de vraag of ons provinciaal geld mag en moet worden besteed aan noodhulp? Eigenlijk niet, antwoorden wij dan. Daar ligt een taak voor het particulier initiatief en voor het rijk, in het kader bijvoorbeeld van ontwikkelingshulp. Het provinciale geld is geld van de burger, van de samenleving. Bestemd voor provinciale zaken. Mogen we dit geld dan zomaar voor andere doeleinden besteden?
De SGP is van mening dat zuiver en zorgvuldig met het geld van de provincie moet worden omgegaan. Verantwoord. Uitzonderingen, mits goed onderbouwd, moeten mogelijk zijn.
De nood in Haïti is ontzettend groot. Een land dat bijna bankroet was en enigszins uit het diepe dal opklom, is nu zwaar getroffen.
Ik had het over een ruim hart. De nood heeft ons aangegrepen. Vandaar dat – gelet op de impact van de aardbeving voor dit arme land, en de duizenden en nog eens duizenden doden en de grote schade – wij graag 50.000 euro noodhulp beschikbaar stellen. Echter wel ten behoeve van hulp die rechtstreeks wordt geboden; rechtstreeks in het gebied, door bijvoorbeeld een organisatie vanuit Flevoland. Graag willen we ook een verantwoording wat met het geld is gedaan.
Hoeveel we ook van dieren houden – de rechtvaardige kent het leven van zijn beest, zegt de Bijbel – toch zal het geld in de eerste plaats naar de opbouw van het land, van scholen, van medische voorzieningen, de aanleg van infrastructuur moeten gaan. Naar de bevolking van Haïti. Wat een verdriet vervult het hart van deze mensen. Op dat onderdeel steunen wij de motie van de Partij van de Dieren niet. Het volledige bedrag dient de inwoners van Haïti ten goede te komen.
Lelystad, 10 februari 2010


