Antwoorden Commissaris van de Koning op schriftelijke vragen

De statenfractie van de SGP heeft aan de Commissaris van de Koning schriftelijke vragen gesteld over diens uitspraken over het gemeentebestuur van Urk. Deze vragen zijn ingediend op 12 januari 2016. De antwoorden hierop van de commissaris van de Koning zijn vastgesteld op 2 februari 2016 en staan hieronder weergegeven.

1. a. Waarom heeft u ervoor gekozen uw zorgen tegen het Urkerland en Omroep Flevoland te uiten?
De aanleiding voor de interviews met het Urkerland en het vraaggesprek bij Omroep Flevoland was mijn nieuwjaarstoespraak. In dat kader werd ik over Urk bevraagd.
b. Als u de kwaliteit van het Urker bestuur onder de maat vindt kunt u toch via andere wegen (bijv. interbestuurlijk toezicht) uw zorgen kenbaar maken?
Ik heb op meerdere plekken mijn zorg geuit, om zo het gesprek daarover te kunnen hebben. Voor een IBT-traject is op dit moment geen aanleiding.


2. a. U geeft aan dat u als CdK een rol heeft als hoeder van de kwaliteit van het openbaar bestuur. Noch in de Provinciewet, noch in de Ambtsinstructie voor de CdK hebben wij deze rol kunnen vinden. Ook op de website van het IPO kunnen wij deze rol niet achterhalen. Kunt u aangeven op basis van welke regelgeving of beleid u uw standpunt baseert?
Zowel als lid van GS en als rijksorgaan ben ik medeverantwoordelijk voor het waarborgen van de kwaliteit van het bestuur in de provincie. Dit volgt uit het stelsel van taken en bevoegdheden van de CdK zoals neergelegd in de Provinciewet (en de daarop gebaseerde ambtsinstructie) en de gemeentewet Op Rijksniveau bestaat brede consensus voor een ruimere rol voor de CvdK richting het lokale bestuur, indien de CvdK dat nodig acht In de nieuwe provinciewet die per 1 februari van kracht is geworden, wordt dit nog eens benadrukt.
b. Heeft u uw uitspraken ook gedaan namens het college van GS?
Nee, als rijksorgaan, maar mijn opvattingen heb ik gedeeld en besproken met GS.
c. In hoeverre zijn uw opmerkingen te rijmen met de principes van lokale autonomie en democratie?
Naar mijn mening is het essentieel in een democratie dat overheden eikaar kunnen aanspreken op het functioneren en dat men bereid is dat gesprek aan te gaan. Ik voel het als mijn verantwoordelijkheid om een signaal af te geven, het gesprek op gang te brengen en bewustwording te genereren. Het is, zoals ik ook stelde in Over Flevoland Gesproken, in de eerste plaats aan de Urker gemeenteraad, het college van B&W en de Urker gemeenschap om hierop te reflecteren met elkaar.


3. Bent u het met de SGP eens dat door deze wijze van uiten u hoogstwaarschijnlijk juist het tegendeel bereikt met wat u beoogt? Zo nee, waarom niet?
Nee. Ik heb er alle vertrouwen in dat Urk meer dan bereid is om open en eerlijk het gesprek aan te gaan.


4. Wij hebben begrepen dat u uw zorgen één keer hebt besproken met het gemeentebestuur van Urk en nog niet met de gemeenteraad. Waarom heeft u nu reeds de openbaarheid gezocht? Is het niet verstandiger om het eerst uitgebreid hierover te hebben met de betrokken partijen zelf?
Het functioneren van de gemeente Urk is voor mij al langer reden tot zorg. Die zorgen worden gevoed door meerdere signalen vanuit de Urker gemeenschap, zowel van bewoners als van ondernemers en vertegenwoordigers van instellingen en de politiek. Tijdens verschillende gelegenheden heb ik deze zorgen al geruime tijd geuit, ik signaleer dat dit niet altijd zo is begrepen. Het is verder aan Urk om hierover het gesprek te voeren, waarbij ik zeer bereid ben daar mijn bijdrage aan te leveren.


5. U noemt een aantal concrete dossiers zonder dat u hierbij aangeeft op welke specifieke punten (zowel procesmatig als inhoudelijk) het niet goed is gegaan. Nu uzelf de openbaarheid heeft gezocht, verzoeken wij u om specifieker aan te geven per dossier waar het niet goed is gegaan bij de gemeente. Dit temeer vanwege het feit dat twee dossiers recent door PS zijn behandeld en er op dit punt door het college geen opmerkingen zijn gemaakt.
Mijn zorgen spitsen zich niet toe op één specifiek dossier, maar het functioneren in het algemeen. Hierover ga ik graag het gesprek aan op Urk.


6. Zijn er in uw ogen nog meer dossiers waar u uw zorgen over heeft? Zo ja, wilt u aangeven welke dossiers dit zijn en op welke specifieke punten in de betreffende dossiers u uw zorgen heeft?
Zie antwoord op vraag 5.


7. U heeft ook gesproken over de zelfstandigheid van de gemeente Urk. Wanneer is het punt volgens u bereikt dat de gemeente Urk u geen andere keus laat dan de gemeente op te heffen? Is het alles overziend echt nodig om hier opmerkingen over te maken?
Er is geen aanleiding om de gemeente Urk op te heffen, zoals ik al heb gezegd in Over Flevoland gesproken. Het moment dat opheffing in zicht zou komen, is het moment waarop de gemeente - zoals dat voor alle gemeenten geldt - niet in staat blijkt om haar taken adequaat uit te voeren.
Ik blijf graag meedenken met Urk over de slagkracht van de lokale overheid, bijvoorbeeld door gezamenlijk inzicht te verkrijgen in de kansen en uitdagingen voor de toekomst van de gemeente Urk.